Javascript must be enabled to continue!
Le maintien de l'ordre en 1884. Les manifestations d'août et de septembre à Bruxelles
View through CrossRef
Het katholieke kabinet dat na de verkiezingen van 10 juni 1884 aan de macht kwam, maakte al vlug werk van een nieuwe onderwijswetgeving. Dit lokte een hevige liberale reactie uit. Die bereikte een hoogtepunt toen de minister van Binnelandse Zaken, Victor Jacobs, een ontwerp in het parlement indiende dat de Staat van zijn onderwijsmonopolie beroofde. De clerico-liberale "burgeroorlog" die daarop ontbrandde, stelde het politieke probleem van de ordehandhaving te Brussel. De liberale burgmeester Buls, zelf een heftig tegenstander van de katholieke schoolpolitiek, wilde de verantwoordelijkheid voor de ordehandhaving in de hoofdstad niet uit handen geven.Op 5 en 6 augustus was het eerste rumoer op straat te merken. In tegenstelling tot het kabinet-d'Anethan, dat in 1871 ten val was gekomen ingevolge zijn zwak verweer tegen het straatgeweld, besliste de regering-Malou van meetaf aan blijk te geven van standvastigheid. Met een krachtdadige opstelling wilde ze vermijden dat het straatgewoel de koning zou beïnvloeden. Meteen wilde zij de lokale administratie ertoe aanzetten de volledige rust te verzekeren. In de avond van 6 augustus ging de regering, zonder instemming van de lokale autoriteiten, over tot het opeisen van leger en rijkswacht. Dit was te Brussel nog nooit eerder gebeurd. Na een tussenkomst van de Brusselse verkozenen werd deze maatregel onmiddellijk ingetrokken maar de Brusselse overheid werd door dit krachtig optreden wel gedwongen tot het uitvaardigen van strikte maatregelen: iedere samenscholing werd verboden in de parlementaire zone. Het debat in de Kamer kon nadien in alle kalmte verlopen. Hierdoor kreeg de regering opnieuw vertrouwen in het Brussels bestuur.Vanaf 30 augustus evenwel, wanneer het wetsontwerp in de Kamer werd gestemd, hernam de agitatie met volle kracht. De katholieken beslisten de liberale massamanifestatie van 31 augustus te beantwoorden. Op 7 september werden 80.000 katholieke manifestanten gewelddadig uiteengejaagd door talrijke tegenbetogers die duidelijk op de steun konden rekenen van een groot deel van de Brusselse bevolking. Buls had alle krachten die hem direct ondergeschikt waren, opgeëist: 4.500 leden van de burgerwacht, 80 rijkswachters, 500 politie-en brandweermannen. Op het leger had hij echter geen beroep willen doen. Er brandde onmiddellijk hevige kritiek los op het weinig efficiënte optreden van de - antiklerikale! - burgerwacht. De regering van haar kant had het niet aangedurfd de verantwoordelijkheid te nemen om het leger in te schakelen zonder de toestemming van de burgmeester. Het risico op een bloedbad was te groot en bovendien waren de meeste officieren niet bepaald re geringsgezind.De gebeurtenissen van 7 september hadden alleszins belangrijke gevolgen voor de ordehandhaving. De volgende dag besloot Buls in de toekomst alle politieke manifestaties te verbieden, terwijl de regering van haar kant het stedelijk garnizoen versterkte. Op 15 september beschikte generaal Van der Smissen over 3.200 manschappen en over 4 batterijen van elk 6 kanonnen. Daarenboven werden 5 bataljons van elk 1.500 man beschikbaar gehouden om bij het eerste bevel naar Brussel te trekken.De publiciteit die in de pers aan de genomen maatregelen werd gegeven, bracht de gemoederen zeker niet tot bedaren. Men sprak zelfs van provocatie. De vermelde maatregelen dwongen Buls echter om strengere richtlijnen aan'zijn politieapparaat te geven. Toen eind september, naar aanleiding van het mislukken van het "Compromis der Steden", antikoningsgezinde demonstraties plaatsvonden, werden die, op instructie van Buls, snel beteugeld.Op 22 september werd de onderwijswet in het Staatsblad gepubliceerd. Dezelfde dag riep Buls de Brusselaars op cm bij de volgende gemeenteraadsverkiezingen, op een wettelijke wijze, hun standpunt kenbaar te maken. De openbare rust werd nadien niet meer verstoord. De regeringswisseling na de verkiezingen van 19 oktober maakte een einde aan de crisis.
Presses universitaires Saint-Louis Bruxelles
Title: Le maintien de l'ordre en 1884. Les manifestations d'août et de septembre à Bruxelles
Description:
Het katholieke kabinet dat na de verkiezingen van 10 juni 1884 aan de macht kwam, maakte al vlug werk van een nieuwe onderwijswetgeving.
Dit lokte een hevige liberale reactie uit.
Die bereikte een hoogtepunt toen de minister van Binnelandse Zaken, Victor Jacobs, een ontwerp in het parlement indiende dat de Staat van zijn onderwijsmonopolie beroofde.
De clerico-liberale "burgeroorlog" die daarop ontbrandde, stelde het politieke probleem van de ordehandhaving te Brussel.
De liberale burgmeester Buls, zelf een heftig tegenstander van de katholieke schoolpolitiek, wilde de verantwoordelijkheid voor de ordehandhaving in de hoofdstad niet uit handen geven.
Op 5 en 6 augustus was het eerste rumoer op straat te merken.
In tegenstelling tot het kabinet-d'Anethan, dat in 1871 ten val was gekomen ingevolge zijn zwak verweer tegen het straatgeweld, besliste de regering-Malou van meetaf aan blijk te geven van standvastigheid.
Met een krachtdadige opstelling wilde ze vermijden dat het straatgewoel de koning zou beïnvloeden.
Meteen wilde zij de lokale administratie ertoe aanzetten de volledige rust te verzekeren.
In de avond van 6 augustus ging de regering, zonder instemming van de lokale autoriteiten, over tot het opeisen van leger en rijkswacht.
Dit was te Brussel nog nooit eerder gebeurd.
Na een tussenkomst van de Brusselse verkozenen werd deze maatregel onmiddellijk ingetrokken maar de Brusselse overheid werd door dit krachtig optreden wel gedwongen tot het uitvaardigen van strikte maatregelen: iedere samenscholing werd verboden in de parlementaire zone.
Het debat in de Kamer kon nadien in alle kalmte verlopen.
Hierdoor kreeg de regering opnieuw vertrouwen in het Brussels bestuur.
Vanaf 30 augustus evenwel, wanneer het wetsontwerp in de Kamer werd gestemd, hernam de agitatie met volle kracht.
De katholieken beslisten de liberale massamanifestatie van 31 augustus te beantwoorden.
Op 7 september werden 80.
000 katholieke manifestanten gewelddadig uiteengejaagd door talrijke tegenbetogers die duidelijk op de steun konden rekenen van een groot deel van de Brusselse bevolking.
Buls had alle krachten die hem direct ondergeschikt waren, opgeëist: 4.
500 leden van de burgerwacht, 80 rijkswachters, 500 politie-en brandweermannen.
Op het leger had hij echter geen beroep willen doen.
Er brandde onmiddellijk hevige kritiek los op het weinig efficiënte optreden van de - antiklerikale! - burgerwacht.
De regering van haar kant had het niet aangedurfd de verantwoordelijkheid te nemen om het leger in te schakelen zonder de toestemming van de burgmeester.
Het risico op een bloedbad was te groot en bovendien waren de meeste officieren niet bepaald re geringsgezind.
De gebeurtenissen van 7 september hadden alleszins belangrijke gevolgen voor de ordehandhaving.
De volgende dag besloot Buls in de toekomst alle politieke manifestaties te verbieden, terwijl de regering van haar kant het stedelijk garnizoen versterkte.
Op 15 september beschikte generaal Van der Smissen over 3.
200 manschappen en over 4 batterijen van elk 6 kanonnen.
Daarenboven werden 5 bataljons van elk 1.
500 man beschikbaar gehouden om bij het eerste bevel naar Brussel te trekken.
De publiciteit die in de pers aan de genomen maatregelen werd gegeven, bracht de gemoederen zeker niet tot bedaren.
Men sprak zelfs van provocatie.
De vermelde maatregelen dwongen Buls echter om strengere richtlijnen aan'zijn politieapparaat te geven.
Toen eind september, naar aanleiding van het mislukken van het "Compromis der Steden", antikoningsgezinde demonstraties plaatsvonden, werden die, op instructie van Buls, snel beteugeld.
Op 22 september werd de onderwijswet in het Staatsblad gepubliceerd.
Dezelfde dag riep Buls de Brusselaars op cm bij de volgende gemeenteraadsverkiezingen, op een wettelijke wijze, hun standpunt kenbaar te maken.
De openbare rust werd nadien niet meer verstoord.
De regeringswisseling na de verkiezingen van 19 oktober maakte een einde aan de crisis.
Related Results
Le maintien de l'ordre à Toulouse du Directoire à la troisième République (1795-1884)
Le maintien de l'ordre à Toulouse du Directoire à la troisième République (1795-1884)
Cette étude sur le maintien de l’ordre, centrée à la fois sur Toulouse (capitale méridionale) et sur le XIXe siècle ("Siècle des Révolutions"), pose avant tout la question des cont...
1884 : Un tournant politique en Belgique
1884 : Un tournant politique en Belgique
L'année 1884 marque la fin de la domination libérale en Belgique. Le parti catholique accède au pouvoir et il s'y maintiendra seul pendant trente ans. Quels sont les facteurs qui d...
Architettura e spazi di potere nell'Ordine di San Giovanni di Gerusalemme (1530-1798)
Architettura e spazi di potere nell'Ordine di San Giovanni di Gerusalemme (1530-1798)
Architecture et espace de pouvoir dans l’Ordre de Saint Jean de Jérusalem (1530-1798)
La recherche qui fait l'objet de cette thèse a pour but de combler une lacune ...
Three essays on protest
Three essays on protest
Trois articles sur les mouvements sociaux
Cette thèse étudie empiriquement les déterminants et les effets des formes modernes de manifestation. Les résultats montre...
Maintien de l'hétérochromatine en réponse aux dommages à l'ADN dans des cellules de mammifères
Maintien de l'hétérochromatine en réponse aux dommages à l'ADN dans des cellules de mammifères
Dans les noyaux cellulaires des organismes eucaryotes, l’organisation de l'ADN avec des protéines histones sous forme de chromatine est une source d'information épigénétique qui di...
Causal indefiniteness and dynamicality in quantum mechanics
Causal indefiniteness and dynamicality in quantum mechanics
Indétermination causale et dynamicité en mécanique quantique
La mécanique quantique permet la superposition des processus, entraînant une véritable absence de struc...
Numéro 31 - juin 2005
Numéro 31 - juin 2005
Ce numéro de Regards économiques se penche sur la situation économique et sociale en Wallonie. Il en dresse un large portrait, en souligne les points positifs et négatifs, et ébauc...
L’abbé de Cîteaux et la direction de l’ordre cistercien (1584-1651)
L’abbé de Cîteaux et la direction de l’ordre cistercien (1584-1651)
Dans le contexte des chocs de la première modernité et de la Réforme catholique qui suit le concile de Trente (1545-1563), Cîteaux, qui est à la fois une abbaye et un chef-d'ordre,...

